Opvoeding

Als een puppy ongeveer 9 weken oud is begint hij echt de regels in huis te leren
kennen en zich bij jou thuis te voelen. Als hij bij je op de stoep staat met een
geurdoekje van zijn oude nest, begin je al met het leren van de commando’s,
zoals “zit” en “down”.

Maar eerst moet hij zindelijk worden. Dat doe je door in zijn mand kranten neer
te leggen. En als hij geplast heeft, heeft het geen zin om heel hard “foei” te
roepen of hem met zijn neus door de plas heen te wrijven. Dat heeft echt geen
zin. Je moet het opdweilen met verdunde schoonmaak azijn en er niets van zeggen.

Als de puppy een mannetje is (reu) en hij gaat plassen, druk je zijn piemeltje
tegen zijn onderlijf en dan stopt hij met plassen.
Als een pup wakker wordt laat je hem plassen en dat doe je altijd op hetzelfde
plekje in de tuin.
De pup mag niet te lang lopen voordat hij 6 maanden is. Hij mag geen lange
wandelingen maken. Vier keer een kwartier is beter dan een uur.  Als hij nog
klein is mag je hem wel eens meenemen naar het bos en laat je hem daar even los
want hij blijft dicht bij je. Als hij dan geroepen wordt dan komt hij meteen en
als de pup niet meteen komt dan wacht je 10 seconden of langer en dan roep je
hem nog een keer. Maar je moet de pup niet uit het oog verliezen. Als jij 1 jaar
is mag hij al kleine stukjes naast de fiets gaan lopen.
Jonge hond
De hond is gewend aan zijn nieuwe thuis en aan zijn baasje. Nu kun je hem gaan
trainen. Nu is hij namelijk bijna zindelijk en loopt hij met plezier aan de
lijn. Hij voelt zich thuis.
Je gaat nu met hem aan zijn opvoeding werken. Bedenk goed wat je hem wilt leren
en luister niet naar boekjes of zogenaamde kenners. Jij kunt alleen bepalen wat
jij je Border Terriër wilt leren want jij bepaalt wat goed is voor hem en zijn
omgeving.
Een Border Terriër is een zachte hond en kan dus slecht tegen een harde aanpak.
Met gemene en harde woorden kan je een lieve vrolijke Border Terriër veranderen
in een schuw en nerveus hondje. Ze zijn heel erg intelligent en doen je graag
een plezier. Het enige wat jij hoeft te doen is te zeggen en te laten zien wat
jij wilt.
Als je dat niet doet denkt de Border Terriër dat hij de baas is en gaat hij
bijten als jij niet doet wat hij wilt. En als je hem te hard aanpakt wordt hij
dat schuwe en nerveuze hondje. Dus het is jouw keus.

Verder opvoeden
Als je je hond opvoedt zijn er belangrijke woorden zoals “nee” en “foei”. Dat
roep je zodra een hond iets doet wat niet mag. Maar eerst noem je zijn naam. Dan
zeg je dus bijvoorbeeld “Boets, nee!” met een strenge stem en niet schreeuwen.
En als hij iets goeds doet moet je hem ook belonen door met een vrolijke hoge
stem te zeggen “Boets, braaf”.
Een hondje is een gewoontedier. Dat betekent dat hij graag ergens een gewoonte
van maakt. Als je goede gewoontes maakt zal hij het niet snel fout doen.
Als hij aan het spelen is met andere honden dan kan het zijn dat jij roept en
dat hij niet komt. Maar als hij dan wel komt zeg je natuurlijk “braaf” en geef
je hem een knuffel.
Je moet hem nooit bestraffen als hij niet komt maar wel belonen als hij wel
komt, al sta je op het punt om je geduld te verliezen. Want zijn opvoeding is
een kwestie van geduld en zelfbeheersing.
Je moet  je hond nooit het speelgoed maken van je kinderen. Kinderen kunnen de
hond niet goed opvoeden. Ze geven hem bijvoorbeeld de hele dag koekjes en dan
wordt hij moddervet. Volwassenen kunnen dat beter. Zij kunnen beter een hond
opvoeden. De kinderen geven de Border Terriër wel veel liefde en dat geeft de
Border Terriër ook terug.
Als je in een slecht humeur bent dan moet je je Border Terriër daar niet de dupe
van maken. Als je je Border Terriër wil straffen dan zeg je “foei” maar dat moet
je niet zomaar zeggen want dan gaat het fout.
Trainen met een Border Terriër
Je kunt met je Border Terriër op verschillende cursussen gaan, zoals Sociale
Huishond. Daar leren ze “zit” en “down” en rustig aan de lijn lopen. Ze leren
ook wachten als jij
wegloopt en als jij roept dan komt hij meteen aangehold. En de tandjes laten
zien. Je moet er natuurlijk wel veel geduld voor hebben en veel trainen. Als je
bijvoorbeeld “down” wil leren dan leg je je hand met een brokje erin op de
grond. Je moet wel even oefenen maar uiteindelijk zal het lukken.

Reacties zijn gesloten.